Past simple en voltooid deelwoord

shoot

Shoot is een onregelmatig werkwoord: de past simple is shot en het voltooid deelwoord is shot.

Basisvorm
shoot
Past simple
shot
Voltooid deelwoord
shot
In het Nederlands
schieten
Definitie in het Engels
Kill or wound (a person or animal) with a bullet or arrow.
Voorbeeld
“He was shot in the leg during an armed robbery.”
ERK-niveau
B1Op de ERK-schaal, van A1 (beginner) tot C2 (zeer vaardig).Alle onregelmatige werkwoorden op niveau B1
Patroon
ABBDe past simple en het voltooid deelwoord zijn gelijk, zoals bring, brought, brought.Alle werkwoorden met dit patroon